Bestaan krachten?

[Als je liever luistert naar dit artikel, klik dan HIER]

Krachtgerichtheid is gelijk aan …

Laat ik beginnen met te zeggen dat ik – al lang – iets heb met krachtgerichte gespreksvaardigheden.
Ik hou van praktijken en ideeën uit de narratieve en de oplossingsgerichte benadering.
En als met ‘krachtgericht’ bedoeld wordt:
gevoelig zijn voor en oprecht geïnteresseerd zijn in niet-probleem-gerelateerde aspecten van mensen en van hun leven, zelfs als ze worstelen met lastige toestanden,
dan sta ik daar helemaal achter.
Voor mij betekent ‘krachtgericht’ 
ertoe bijdragen dat mensen zichzelf in interactie met jou gaan ervaren als ‘van waarde’ of ‘waardig’, of hun leven gaan ervaren als (ook) van waarde.

Krachtgerichtheid is niet gelijk aan …

Krachtgerichtheid betekent voor mij NIET:
  • mensen een positief ‘zelf-beeld’ proberen bijbrengen,
  • mensen ervan proberen overtuigen dat ze ‘wèl’ de moeite waard zijn, dat ze ‘wèl’ talenten hebben en kwaliteiten en mooie eigenschappen en krachten,
  • mensen optimistisch proberen maken,
  • mensen proberen opmonteren met positieve boodschappen wanneer ze zich naar of somber of hopeloos voelen,
  • mensen proberen af te leiden van de dingen waar ze zwaar aan tillen door hen te wijzen op positieve dingen.
Je kan zulke dingen – vanuit goede, zorgzame intenties – weliswaar proberen te doen.
Maar de kans is reëel dat je dat niet gaat lukken, dat positief zelfbeeld bijbrengen, of het optimisme, of het afleiden.
Als je zulke dingen probeert omdat je het lastig vindt dat de ander zo’n nare of sombere ervaring heeft van zichzelf of haar leven, dan gaat die dat misschien wel voelen.
Dat jij dat zo lastig vindt.
De kans is reëel dat de ander zichzelf er net niet door gaat ervaren als ‘van waarde’.
Daarom zie ik het eerder niet als krachtgericht.

Licht genoeg

Laten we het begrip ‘kracht’ licht genoeg opvatten.
(Of gelijkaardige begrippen als ‘kwaliteiten’ of ‘sterktes’ of ’talenten’.)
(En evengoed de tegenhangers: ‘gebreken’, ’tekorten’, …)
Zinnetjes als
  • ‘elke mens heeft krachten’
  • ‘Joan heeft kwaliteiten’
  • ‘een sterkte van Waldek is dat hij …’
  • ‘zij hebben een sterke relatie’
neem ik op een bepaalde manier serieus en op een andere manier niet.
Ik neem ze serieus genoeg om te denken dat
  • er ervaringen moeten geweest zijn die tot deze conclusies geleid hebben, en
  • als ik ga vragen naar die ervaringen, de ander wellicht verhalen gaat vertellen die o.a. dit als thema gaan hebben (en de persoon zal misschien een fijne, warme zelf-ervaring krijgen tijdens het vertellen).
Dáárin zit het potentieel van begrippen als ‘krachten’: dat ze tot een betekenisvol vertellen kunnen leiden.
Voor zover ze tot bezield vertellen leiden.
Neem begrippen als ‘kracht’, ‘kwaliteit’, ‘sterkte’ serieus genoeg om te denken dat er iets van aan zal zijn.
Iets.

Niet te zwaar

Maar een bewering als ‘Rob heeft krachten/talenten/eigenschappen’, neem ik niet zo serieus dat ik ga geloven dat die dingen echt bestaan.
Dat die in Rob zitten.
Je hebt geen krachten, sterktes, kwaliteiten (of kwetsbaarheden, zwaktes, tekorten) zoals je bij voorbeeld wel een ruggengraat hebt, of een maag.
Je mag het niet letterlijk nemen.
Het zijn bedenksels.
Conclusies die we trekken over iemands identiteit.
Constructies.
Uitvindsels.
Veralgemeningen.
Oververalgemeningen.
Als je te sterk gelooft in de realiteit van zulke identiteitsconclusies, ze tezeer serieus neemt, niet licht genoeg opvat, dan zijn ze per definitie onwaar.
Ze zijn bij voorbeeld onwaar omdat je geen kwaliteit/kracht/… kan bedenken die niet afhankelijk is van context.
Ze zijn onwaar omdat ons doen en laten en onze ervaring diep afhankelijk is van context.
Van al dat leven en al die werkelijkheden rond en in onze lichamen en ons innerlijk leven.
Context is veranderlijk.
(Zie bij voorbeeld de ‘warmte-koude empathiekloof‘.)
Een complex gebeuren verklaren op basis van 1 zogezegd stabiele, innerlijke, context-onafhankelijke eigenschap, dat slaat nergens op.
Als je te hard gelooft in het bestaan en de kracht en invloed van een zogezegde persoonseigenschap, dan vergeet je dat er ook veel niet van aan is.

‘Je bent een geduldig man’

Stel dat iemand denkt: ‘die Johan is toch een geduldig man.’
Hij denkt aan enkele situaties waarin mijn doen en laten paste bij het begrip ‘geduld’.
Hij zegt: ‘Johan, jij bent een geduldig man.’
Mijn brein bedenkt onmiddellijk tegenvoorbeelden: reële toestanden die iets heel anders dan ‘geduld’ betekenen, die de gans andere richting uitgingen.
Mijn brein schotelt me ook voor dat in de geduld-voorbeelden ook heel andere factoren een rol speelden dan geduld.
Vraag me liever:
‘Johan, kan jij je een moment herinneren waarop je geprobeerd hebt geduld op te brengen, en dat jou dat een beetje gelukt is?’
En vervolgens:
  • ‘Waar was het je toen om te doen?’
  • ‘Waren er toen ook momenten dat het de andere richting had kunnen uitgaan, niet richting geduld maar het omgekeerde?’
  • ‘Wat deed je dan? Of wat dacht je?’
  • ‘Wat denk je dat dat gaf voor de ander?’
  • ‘Wat vind je daarvan?’
  • ‘Hoe ben je er opgekomen om …?’
  • ‘Wat ondersteunde jou misschien een beetje om …?’
  • ‘Heeft dit een geschiedenis? Zijn er mensen uit jouw leven die hier voor iets tussen zaten?’
  • ‘Is ‘geduld’ hier een goed woord voor of heb je er een beter woord voor, of een beeld?’
Dit voelt fijner.
Spannender.
Dichter bij wat er gebeurd is.
Dicht bij het particuliere van de dense realiteit.
Onderzoekend.
Misschien krijg ik zo wel voeling met iets’ geduld-achtig.
Dat er iets van aan is.
Dat ik misschien iets heb met geduld.
Ook voeling met de omstandigheden die geduld faciliteren en de omstandigheden die geduld-onvriendelijk zijn.
Misschien ga ik me nu wel een ander voorbeeld herinneren dat hier ook over ging.
(Misschien wordt ‘geduld’ zo een beetje extra beschikbaar.)

Conclusie

Krachten?
(Of het omgekeerde.)
Neem ze serieus genoeg. Er is misschien wel iets van aan.
Neem ze niet te serieus. Het is maar iets.
Het onderzoeken, dát is waardevol.
Daar kan een stukje zinvolle kennis uit voortkomen.
Het vertellen, dáár kan iets waardevol in zitten.
Zo kan (even) een levende ervaring ontstaan die betekenisvol is.
Vriendelijke groeten,
Johan Van de Putte